Week de gelatine in een schaaltje met koud water. Vet het cakeblik in met olie.
Was de sinaasappel en rasp de schil. Pers de sinaasappel uit. Je kunt het sap zeven maar dat hoeft niet.
Breng sap, rasp, suiker, oranjebloesemwater en 50 ml water aan de kook. Laat de suiker al roerend oplossen. Meng 3 eetlepels maizena met de citroensap tot een papje en giet bij het sinaasappelmengsel.
Zet het vuur hoog en kook, al roerende, tot een dikke stroperige massa. Neem de pan van het vuur, knijp de gelatine uit en roer de blaadjes er een voor een door tot ze zijn opgelost. Roer er ook de pistachenoten door.
Schep het mengsel in de cakevorm. Laat op het aanrecht nog een half uurtje afkoelen en zet dan minstens 8 uur in de koelkast.
Roer 1 eetlepel maizena door 3 eetlepels poedersuiker. Strooi wat van het mengsel op een snijplank en stort hier het Turks fruit op. Snijd met een scherp nat mes in stukjes, maak tussendoor het mes steeds opnieuw nat. Bestrooi met de rest van het maizena/poedersuiker mengsel en wentel alle zijden van de blokjes erdoor.
Bewaar luchtdicht in een bakje, met velletjes bakpapier ertussen.